Navigate Up
Sign In
Leiden University

Woord vooraf

Het doel van 'Het verhaal van de Opstand'  is de gecompliceerde historische werkelijkheid te vereenvoudigen tot enkele grote lijnen en motieven, het verhaal van de Opstand te beperken tot de voornaamste personen en gebeurtenissen. In kort bestek vindt u hier een samenvatting overeenkomstig de meest recente resultaten van onderzoek. De tekst behandelt de periode tot de sluiting van het Twaalfjarig Bestand (1609); een overzicht van de periode tot de vrede van Munster is in voorbereiding.

De Opstand in de Nederlanden is een onderwerp waarover de lezer een hele bibliotheek ter beschikking staat, ook digitaal. In het historisch bedrijf komt er per definitie geen eind aan de bronnenpublicaties, monografieën, overzichtswerken, regionale en plaatselijke detailstudies, laat staan aan de talloze artikelen in wetenschappelijke tijdschriften. Altijd weer zijn er studies die het inzicht in de Opstand verdiepen en nuanceren. De nieuwe visies en interpretaties in de geschiedwetenschap dringen over het algemeen slechts langzaam door tot het bredere publiek en tot het onderwijs. Bovendien kan de geïnteresseerde lezer en kan de docent zich niet altijd die graad van specialisatie veroorloven die de vakhistoricus vanzelfsprekend vindt. Dat hoeft ook niet. 
    Omgekeerd zou het verkeerd zijn te menen dat in het onderwijs vandaag de dag nog verkondigd wordt dat de Opstand uitgebroken is om de onafhankelijkheid van Nederland te bevechten. Die clichévoorstelling die universitaire historici zich wel eens maken van het geschiedenisonderwijs, is even achterhaald als dat beeld zelf van de Opstand als een Nederlandse onafhankelijkheidsstrijd. Bovendien mag de vakhistoricus zich bij de nieuwste wetenschappelijke inzichten wel eens afvragen of zijn visie en de resultaten van zijn onderzoek altijd zo nieuw zijn als hij zich verbeeldt. De negentiende-eeuwse grootmeester van de Nederlandse geschiedschrijving, Robert Fruin, en de twintigste-eeuwse grootmeester van de Belgische geschiedschrijving, Henri Pirenne, wisten al dat de Opstand in de Nederlanden een onderdeel van de internationale politiek was. De Spaanse koning had geen geld en aandacht voor de Nederlanden, wanneer in het Middellandse Zeegebied de Turken opdrongen. En toen in Frankrijk de katholieke partij ten onder dreigde te gaan, liet Filips II zijn veldheer in Frankrijk ingrijpen om het katholicisme te redden. De opstandelingen in de Nederlanden konden daardoor hun positie consolideren en uiteindelijk hun onafhankelijkheid realiseren, zij het met zware steun uit Engeland en Frankrijk.

Mijn hele leven heb ik mij een zeker idee gevormd van de oude Nederlanden, van de landen van herwaarts over van Duinkerken tot Delfzijl. De schitterende wereld uit de eeuw van de Bourgondiërs en keizer Karel, waarvan de miniaturen uit de Albums de Croÿ een sfeer van welvaart en vrede oproepen. In mijn school- en studiejaren was ik vooral gewonnen voor de glorie van die onafhankelijke Nederlandse Republiek, die zich onderscheidde door krijgsroem, economische voorspoed en wetenschappelijke en culturele bloei. Maar door kennis te nemen van de werken van onze Belgische collega's, leerde ik ook de andere interpretatie bestuderen en waarderen. Vooral bewonder ik hun jarenlange ervaring in Spaanse archieven, om de geschiedenis van de Lage Landen vanuit beide perspectieven te bestuderen. Ik leerde hoe de zuidelijke gewesten tussen hamer en aambeeld zaten: tussen de aanvallen van de Nederlandse stadhouders en het Staatse leger vanuit het noorden, en de aanvallen van de Franse monarchie uit het zuiden. Om het geloof en economisch gewin trokken vele zuiderlingen naar de Republiek of naar elders. Maar er waren ook Nederlanders die enkel om het geloof zich in de koninklijke Nederlanden vestigden. Ook hier krijgsroem en economische voorspoed, wetenschappelijke en culturele bloei. De militaire en financiële inspanningen van de koninklijke Nederlanden in de zestiende en zeventiende eeuw zijn gigantisch geweest. Hoewel gemor en verontwaardiging over de centrale regering in Brussel elkaar afwisselden, hebben steden en gewesten een indrukwekkend saamhorigheidsgevoel getoond en een sterke wil tot volharding in de strijd. Als een natie bepaald wordt door een geschiedenis waarin het samen grote dingen te hebben verricht het criterium is, dan is Belgische natie niet minder karaats dan de Nederlandse. Het mooist van al blijft: hoe ook het krijgsgeweld de onderlinge relatie tussen de Republiek en het Zuiden mag hebben benadeeld en verstoord, toch bleven tal van contacten gehandhaafd tussen staatslieden en edelen, tussen handelaren en geleerden, tussen schrijvers en schilders. Deze schets van de verscheurde Nederlanden wil recht doen aan beide partijen, aan beide landsdelen, aan beide culturen.

 

Last Modified: 11-6-2014 16:28